Op 26 en 27 februari 2026 organiseerde de BCRC- Caribbean in samenwerking met het ministerie van Olie, Gas en Milieu (OGM) een tweedaagse trainingsworkshop in de SAIS-vergaderzaal van het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV). Vertegenwoordigers van verschillende organisaties uit zowel de publieke als de private sector namen deel aan de training, evenals de Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB).
Tijdens de opening van de workshop benadrukte waarnemend onderdirecteur van het directoraat Leefomgeving en Ecosystemen, Jiechel Kasandiredjo, dat het beheer van gevaarlijk afval essentieel is voor de bescherming van mens en milieu.
Gedurende de twee dagen van de trainingsworkshop verzorgde het consultancyteam van ILACO zowel de theoretische als praktische basis. De deelnemers kregen inzicht in gevaarlijke afvalstromen, relevante nationale wetgeving en internationale verdragen, evenals in identificatie, classificatie, veilige opslag, risicobeheersing en correcte registratie van gevaarlijk afval. Daarnaast namen zij deel aan praktijkoefeningen, waarbij gevaarlijk afval werd gescheiden met behulp van een kleurcoderingssysteem, met speciale aandacht voor het juiste gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen en het naleven van veiligheidsmaatregelen.
Het onderwerp raakt een brede groep bedrijven. In diverse sectoren en werkomgevingen, zoals laboratoria, ziekenhuizen, hotels, agrarische ondernemingen etc., komen stoffen vrij zoals olie en diverse chemische middelen. Onzorgvuldige omgang met deze stoffen brengt niet alleen milieurisico’s met zich mee, maar kan ook gevolgen hebben voor de veiligheid van personeel en de reputatie van bedrijven.
Daarnaast speelt een belangrijk internationaal aspect. Suriname heeft zich via internationale verdragen, waaronder de Basel Convention, gecommitteerd aan afspraken over het beheer en de grensoverschrijdende verplaatsing van gevaarlijk afval. Niet-naleving kan op termijn leiden tot restricties of handelsbelemmeringen voor exportproducten, waardoor het onderwerp niet alleen milieu- en veiligheidsvraagstukken raakt, maar ook de internationale positie van het Surinaamse bedrijfsleven.
Het is daarom van belang dat bedrijven niet uitsluitend wachten op nieuwe wet- en regelgeving, maar ook proactief stappen zetten om het beheer van gevaarlijk afval binnen de eigen organisatie te versterken. Door nu al aandacht te besteden aan deze aspecten, kunnen bedrijven zich beter voorbereiden op toekomstige regelgeving en internationale standaarden. Tegelijkertijd dragen zij bij aan het beperken van risico’s voor werknemers, het milieu en de samenleving als geheel.
Als onderdeel van de verdere capaciteitsopbouw staat in een latere fase van het project een vervolgtraining gepland, specifiek gericht op personeel dat werkzaam is op de stortplaats.
Foto: Gov.sr
