Los van de humanitaire gevolgen heeft de crisis in het Midden-Oosten ook wereldwijd impact op banen, inkomens en arbeidsomstandigheden. Vroegtijdig ingrijpen is cruciaal om arbeidsmarkten te beschermen, vooral voor kwetsbare werknemers, kleine bedrijven en huishoudens met een laag inkomen.
Wanneer er een conflict uitbreekt, gaat onze aandacht in de eerste plaats (en terecht) uit naar de directe menselijke gevolgen: verloren levens, verwoeste huizen en mensen die gedwongen worden te vluchten. Het leed veroorzaakt door de huidige oorlog in het Midden-Oosten is immens. Voor veel gezinnen verandert het verlies van een baan of inkomen een crisis al snel in iets nog zwaarders: een strijd om voedsel, huur en de basisbehoeften van het dagelijks leven te kunnen betalen. De huidige crisis in het Midden-Oosten veroorzaakt nu al dergelijke druk. In de direct getroffen landen staan bedrijfsactiviteiten, banen en inkomens onder onmiddellijke druk. Maar de schok blijft daar niet beperkt. Overloopeffecten, vooral in Aziatische landen, beginnen zich al af te tekenen via sterk stijgende energieprijzen, hogere transport- en productiekosten en bredere inflatiedruk. Hoewel de effecten op arbeidsmarkten in eerste instantie mogelijk minder ingrijpend zijn dan bij sommige eerdere crises, zal de impact waarschijnlijk ongelijker en mogelijk langduriger zijn als hogere prijzen en bredere economische verstoring aanhouden.
In de landen die het meest direct worden getroffen, worden werkplekken beschadigd of vernietigd, sluiten bedrijven of functioneren ze slechts gedeeltelijk, worden lonen onderbroken en verliezen werknemers zowel hun baan als hun inkomen. Kleine ondernemingen zijn bijzonder kwetsbaar, omdat zij vaak minder reserves hebben om plotselinge verstoringen op te vangen. Openbare diensten komen onder druk te staan en fragiele arbeidsmarkten worden nog kwetsbaarder. De effecten zullen ook per sector verschillen. Reizen en toerisme behoren doorgaans tot de eerste sectoren die worden geraakt, vooral wanneer conflict, onveiligheid en stijgende transportkosten de mobiliteit en de vraag beginnen te beïnvloeden.
Buiten de frontlinie verspreiden de effecten zich via hogere brandstof- en voedselprijzen, minder aanwervingen, uitgestelde investeringen, verstoorde migratie en dalende geldtransfers (remittances). Deze druk is vooral voelbaar voor huishoudens met een laag inkomen, informele werknemers, migrerende werknemers en kleine bedrijven. Voor veel gezinnen kan zelfs een bescheiden inkomensverlies leiden tot hogere schulden, slechtere voeding, kinderen die van school gaan, of de overstap naar onzekerdere en meer uitbuitende vormen van werk.
Daarom roept deze crisis niet alleen zorgen op over baanverlies, maar ook over de kwaliteit van werk. Naarmate de druk toeneemt, bestaat er een reëel risico op een toename van informele arbeid, verslechterende arbeidsomstandigheden, sterkere neerwaartse druk op lonen, een stijging van werkende armoede, en een toename van kinderarbeid, gedwongen arbeid en andere schadelijke overlevingsstrategieën.
Fiscale druk en beleidsuitdagingen in tijden van crisis
Veel overheden gaan deze crisis in met een hoge schuldenlast en zeer beperkte budgettaire ruimte. Dit maakt het moeilijker voor overheden om de sociale bescherming en economische steun te bieden die huishoudens nodig hebben, en vergroot het risico dat de crisis bredere en langdurigere schade veroorzaakt.
Beleidsmaatregelen zullen daarom van groot belang zijn, maar de beleidsruimte is beperkt. Overheden kunnen proberen de hogere brandstofkosten op te vangen met tijdelijke fiscale maatregelen, terwijl centrale banken onder druk kunnen komen te staan om de rente te verhogen. Dit zal de toch al zeer hoge overheidsschulden verder doen toenemen, terwijl een te sterke monetaire verkrapping een crisis die begint met prijs- en aanbodschokken kan doen uitmonden in een recessie, met blijvende schade voor banen en bestaansmiddelen.
Dit is niet alleen een economisch probleem, maar ook een breder sociaal en politiek vraagstuk. Wanneer oorlog fatsoenlijke banen, inkomens en levensvatbare ondernemingen vernietigt, ondermijnt dit ook het gevoel van zekerheid en waardigheid dat werk kan bieden. En waar fatsoenlijk werk schaars is, kunnen sociale spanningen toenemen, wat het moeilijker maakt om vertrouwen, stabiliteit en uiteindelijk vrede te herstellen. Tegen de tijd dat de cijfers sterk genoeg veranderen om alle twijfel weg te nemen, kunnen tijdelijke schokken al zijn uitgegroeid tot blijvende tegenslagen. Wat nu nodig is, is nauwlettende aandacht voor hoe deze risico’s zich ontwikkelen, en vroegtijdig ingrijpen om banen, inkomens en arbeidsomstandigheden te beschermen voordat de schade verdiept en moeilijker terug te draaien wordt.
Bron: International Labour Organization (ILO)
